Lucas de Koning

Digitaal portfolio en CV!

“Half Nederland hoogopgeleid!” Dat was een statement van Rutte toen hij in 2006 nog staatssecretaris van onderwijs was. Het doel? Nederland moet een kenniseconomie gaan worden. Meer doorstroom naar het MBO en minder schoolverlaters op het HBO. Een studie moet korter duren, er komen soepelere regels voor hogescholen zodat de arbeidsproductiviteit toeneemt. Volgens Rutte én de Europese Unie gaan ‘hoogopgeleiden’ de toekomst maken! Dit klonk bij veel mensen als muziek in de oren. Maar de mbo-opleidingen zien donkere wolken door het ideaalbeeld van Den Haag.

Achterhaald

Sinds toen maakt Nederland een onderscheid tussen hoog en laag opgeleid. Een term die anno 2024 sterk achterhaald is. In een tijd waar -een groot deel van- de maatschappij zich volop inzet in emancipatie en acceptatie lopen we qua onderwijs nog flink achter. Een student kan 6 jaar gestudeerd hebben op het mbo, maar zal nog altijd laagopgeleid blijven. Terwijl iemand met een associate degree zichzelf al na 2 jaar hooggeschoold mag noemen. Het bedrijfsleven zal alsnog iemand eerder aannemen met een associate degree dan diegene die mbo gestudeerd hebben. Want die zijn ‘laagopgeleid’. Als we iedereen een gelijke behandeling willen geven is het oneerlijk om nog te spreken over hoger en lager opgeleiden. 

De ladder

Ons onderwijssysteem is nou eenmaal hiërarchisch ingesteld. Het doel lijkt tegenwoordig om steeds maar weer een stapje hoger te maken, Betere cijfers te halen en naar perfectie streven. Terwijl een individu dat misschien helemaal niet wil. De vraag is; word iemand altijd gelukkig als die wél de hoogste status mag dragen, maar er na een aantal jaar achter komt dat die gelukkiger wordt om automonteur te worden.

De hoogste status beslist mee over de laagste trede van de ladder. En op zichzelf is dat logisch. De CEO van de Albert Heijn heeft veel meer verantwoordelijkheden dan de vakkenvuller op de werkvloer. Maar als de Albert Heijn geen vakkenvullers heeft, wie zorgt dan voor de bevoorrading van de schappen?  

We raken gezamenlijk het zicht kwijt in de uiteindelijke waarde van een opleiding. Zowel op het MBO, HBO en Uni krijgen studenten wel degelijk een andere leerweg, echter is de manier van informatieverwerking anders. Er wordt met het huidige systeem veel gefocust op cognitieve vaardigheden. Gevolg hiervan kent hypernarcistische maatschappij waar studenten koste wat het kost het hoogst haalbare moeten halen, omdat de kans op baan na een studie, of het doorgroeien in je carrière invloed heeft op een keuze die de meeste maken als ze 16 zijn. Namelijk de keuze van een studie. 

Balans terugdraaien

Los van de benaming heeft Nederland ook enorm veel Mbo’ers nodig. Voorbeeld van 16 mei 2022. Toen twee mbo-geschoolde medewerkers zich ziek hadden gemeld die verantwoordelijk waren voor de Ketheltunnel in Rotterdam. Het gevolg daarvan; duizenden automobilisten stonden in de file en de provincie lag plat. Een verkoudheid bij een geschiedeniswetenschapper zal het acht-uur journaal niet behalen. 

Maar goed, iedereen die MBO een ‘laag’ niveau vindt zal in alle waarschijnlijkheid het volgende aanhalen: zonder hoogopgeleiden was die brug nooit bedacht! En enigszins klopt dat. Daar is een architect en makelaar geweest voor het ontwerp, evenals mensen die financieel onderzoek doen om de brug te realiseren van het overheidsgeld. 

Maar diezelfde mensen hebben in alle waarschijnlijkheid geen een steen gezet. Daarvoor hebben we mensen nodig die handig zijn met hun handen. Net zoals de vrachtwagenchauffeurs die het benodigde materiaal naar de bouwplaats brengen. Al het beton en staal etc, wat nodig was voor de bouw kan niet in de BMW van de makelaar. In een maatschappij dat draait op infrastructuur hebben we elkaar nodig om plannen uit te voeren. Laten we dan als maatschappij niet bij het begin van een opleiding onderscheid maken tussen ‘hoger’ en ‘lager’ zodat hbo-studies zich beter kunnen voelen. Want dan onderschat je duidelijk de kern van samenwerken. 

Naamsverandering

Woorden zijn natuurlijk geen daden. Ons school /werksysteem is nou eenmaal hiërarchisch en dat gaat ook niet veranderen. Maar hoe noem je het dan wel? Er wordt gesproken over termen zoals praktisch en theoretisch opgeleiden. Ook daar zit een keerzijde aan. Een hbo-studie kan namelijk ook praktisch zijn. Net zoals dat een mbo-studie kan bestaan uit voornamelijk theorie. Opgeleid worden tot tandarts is een wo-studie, maar is tandarts een theoretisch vak? Bovendien dekken de woorden praktisch-theoretisch de lading niet van hoog-laag. Iemand praktisch opgeleid noemen wordt dan een eufemisme van ‘laagopgeleid’. 

Maar er hoeft natuurlijk niet een synoniem te bestaan voor een opleiding. Er kan gekozen worden om het beestje bij de naam te noemen. Als we spreken over hbo-opgeleiden mensen, of mbo-opgeleide mensen weet iedereen de beleerde route zonder een onderscheid te maken.

De scholen en bedrijven zijn nog steeds ingericht op het toetsen van personen. Door middel van een eindtest wordt gekeken of er een niveau gehaald is. Het werk wat de leerling daarvoor heeft gemaakt? Dat mag weer in je (digitale) map terug en is leuk geweest voor de oefening. Een onvoldoende halen voor een toets betekend dus dat je de leerstof nét niet hard genoeg in je hoofd hebt gestamd, zodat je dit vervolgens weer kan vergeten. Waarom kijken we niet prestatiegericht? Iemand die exponentieel gegroeid is zijn kunde, kan door de standaarden van een examen toch ‘zakken’. 

Als we dan toch een intelligentiewaarde op papier willen. Kijk dan niet naar het eindresultaat, maar naar de leerweg. De leerweg kan en mag echt voor iedereen anders zijn. Waarom hebben we het dan nog over hoger en lage opgeleiden?


0 reacties op “Waarom hebben we het nog over hoger en lager-opgeleiden?”